
AI-gegenereerd
Maluns – aardappelkruimels met kaas en appelmoes
Log in of maak een gratis account aan om recepten op te slaan.
Bron: https://recipheon.com/nl/recepten/hoofdgerechten/maluns-aardappelkruimels-met-kaas-en-appelmoes
Over dit recept
Maluns is een specialiteit uit het Zwitserse kanton Graubünden: kleine aardappelkruimels die langzaam in boter goudbruin worden gebakken. Aardappelen die de vorige dag zijn gekookt, worden grof geraspt, met bloem gewreven en geduldig in de pan losgemaakt tot goudgele kruimels met een licht krokant oppervlak. Het beste resultaat krijg je met volledig koude aardappelen die tijdens het koken hun vorm hebben behouden. Twee gewone koekenpannen geven genoeg ruimte om alles los om te scheppen. Serveer de warme maluns meteen met pittige bergkaas en een aparte portie zachte appelmoes; de zoete appels brengen de botersmaak en het zout van de kaas in balans.
Ingrediënten
Voor 4 porties
800 g aardappelen type B, zonder zout in de schil gekookt en een nacht in de koelkast gekoeld, gewicht na het schillen
250 g tarwebloem type 550
100 g ongezouten boter: 80 g om te bakken en 20 g voor het afwerken
4 g zout
160 g Bündner Bergkäse, gewogen zonder korst
400 g kant-en-klare appelmoes van 100% appels, zonder toegevoegde suiker
Bereiding
Begin met aardappelen die de vorige dag al in de schil zijn gekookt en een nacht in de koelkast zijn gekoeld. Dat eerdere koken en koelen is niet inbegrepen in de opgegeven bereidingstijd. Schil ze als de schil er nog aan zit en weeg 800 g af. Ze moeten helemaal koud zijn en hun vorm behouden. Zet een grote kom en twee gewone koekenpannen met een doorsnede van ongeveer 26–28 cm klaar, bij voorkeur met een antiaanbaklaag.
Voeg alle bloem en het zout toe aan de aardappelsliertjes. Meng voorzichtig en wrijf met je vingers totdat de aardappelen gelijkmatig met bloem zijn bedekt en kleine, losse klontjes vormen. Maak grotere stukken los in plaats van een stevig deeg te kneden. Begin direct na het mengen met bakken.
Laat in elke pan 20 g boter smelten op laag of matig vuur. Verdeel zodra de boter begint te schuimen het aardappelmengsel gelijk over de twee pannen. Spreid het los uit en begin met een houten spatel om te scheppen, op te tillen en de klontjes los te maken. Verdeel de resterende 40 g boter die voor het bakken bestemd is in twee porties van 20 g.
Bak ongeveer 35–45 minuten. Schep regelmatig afwisselend in beide pannen om en maak grotere klonten los met de rand van de spatel. Voeg de apart gehouden boter geleidelijk toe: 20 g per pan, in meerdere kleine stukjes. Laat rustig bakken; zet het vuur lager als de kruimels te snel donker worden. Na verloop van tijd is de bloem niet meer zichtbaar en valt het mengsel uiteen in kleine, onregelmatige, goudgele kruimels. Tegen het einde kun je het vuur iets hoger zetten en blijven omscheppen, zodat de buitenkant krokant wordt.
Zet het vuur uit zodra de kruimels gelijkmatig goudbruin en aan de buitenkant licht krokant zijn. Voeg aan elke pan 10 g van de resterende boter toe. Schep voorzichtig om totdat de boter smelt en de maluns ermee bedekt zijn. Verdeel alle kruimels en de boter die nog in de pannen zit over vier borden.
Snijd de kaas in kleine stukjes en verdeel in vier porties van 40 g. Verdeel de appelmoes over vier kleine kommetjes, met 100 g per portie. Serveer meteen naast de hete maluns. Houd de kaas in stukjes en de appelmoes apart, zodat je de smaken tijdens het eten kunt combineren.
Geschatte voedingswaarden
We hebben de voedingswaarden voor dit recept nog niet kunnen schatten.
Beoordeel dit recept
0 beoordelingen
Reacties