
AI-gegenereerd
Ricciarelli — zachte amandelkoekjes uit Siena
Log in of maak een gratis account aan om recepten op te slaan.
Bron: https://recipheon.com/nl/recepten/desserts/ricciarelli-zachte-amandelkoekjes-uit-siena
Over dit recept
Ricciarelli zijn Toscaanse amandelkoekjes met een lichte, gebarsten bovenkant en een zachte, iets taaie binnenkant. Hun kenmerkende vorm lijkt op een kleine langwerpige ruit met afgeronde uiteinden. De basis bestaat uit fijn gemalen geblancheerde amandelen, poedersuiker en afgewogen eiwitten; een beetje amandelaroma voor voedingsmiddelen versterkt de geur. Het deeg rust enkele uren in de koelkast en is daarna makkelijker te verdelen en te vormen zonder bloem toe te voegen. Door de koekjes in poedersuiker te rollen ontstaat een wit korstje dat tijdens het bakken licht barst. De hoeveelheden geven twintig koekjes. Ze zijn na het bakken nog heel zacht en moeten daarom volledig op de bakplaat afkoelen. Pas daarna kun je ze verplaatsen en in een afgesloten bak bewaren, met behoud van hun zachte binnenkant. Ze smaken puur lekker bij een klein kopje koffie.
Ingrediënten
Deeg voor 20 koekjes
200 g zeer fijn gemalen geblancheerde zoete amandelen, zonder suiker of toevoegingen
180 g poedersuiker voor het deeg, zonder toegevoegd zetmeel
60 g rauwe eiwitten, afgewogen zonder dooiers, van ongeveer 2 middelgrote eieren
2 druppels amandelaroma voor voedingsmiddelen en geschikt om te bakken, volgens het advies van de fabrikant; gebruik geen rauwe bittere amandelen
Voor vormen en het witte korstje
40 g extra poedersuiker zonder toegevoegd zetmeel om te bestuiven en door te rollen; een deel blijft op de koekjes, ongebruikte suiker van het bord wordt niet geserveerd
Bereiding
Zeef 180 g poedersuiker in een kom en meng met 200 g zeer fijn gemalen geblancheerde amandelen. Wrijf grotere klontjes met je vingers fijn; gebruik geen hele amandelen met vlies. Weeg in een tweede schone, droge kom 60 g eiwitten zonder spoortjes dooier af. Klop met een mixer tot stevig, glanzend schuim dat een piek houdt wanneer je de gardes optilt. Meet eiwitten niet alleen af op basis van het aantal eieren, want hun grootte verschilt.
Voeg 2 druppels amandelaroma voor voedingsmiddelen aan het eiwitschuim toe. Spatel het volledige amandel-suikermengsel in twee of drie porties erdoor en schraap de ingrediënten van de komwanden. Er ontstaat een dik, plakkerig deeg en het schuim zakt deels in; dat is normaal. Voeg geen water of bloem toe. Dek de kom goed af en zet minstens 4 uur in de koelkast, liefst een nacht, tot ongeveer 12 uur. Door deze rust nemen de amandelen gelijkmatig vocht op en gaat het vormen makkelijker.
Bekleed een grote bakplaat met bakpapier. Doe de extra 40 g poedersuiker op een breed bord en bestuif je handen en een plank met een beetje ervan. Haal het koude deeg eruit en verdeel alles in 20 gelijke stukjes van ongeveer 22 g voordat je ze door de suiker rolt. Vorm elk stukje tot een afgeplat ovaal als een langwerpige ruit met zacht toelopende uiteinden: ongeveer 5–6 cm lang, 3–4 cm breed en 1–1,5 cm dik. Rol niet dun uit en steek niet uit met een vormpje, zodat er geen deegresten ontstaan.
Rol de gevormde stukjes door de suiker op het bord, zodat bovenop en aan de zijkanten een zichtbaar wit laagje blijft zitten. Schud los overtollig poeder voorzichtig af en leg op de bakplaat met ongeveer 3 cm ertussen. Gebruik ook de suiker van het bestuiven, maar giet restjes niet in het deeg of op de bakplaat: je hoeft niet alle klaargezette 40 g te gebruiken. Voeg geen nieuwe suiker toe. Zet de oven aan op 160°C boven- en onderwarmte en laat de bakplaat staan terwijl de oven opwarmt, ongeveer 15 minuten.
Zet de bakplaat op het middelste niveau van de volledig voorverwarmde oven en bak op 160°C ongeveer 16–18 minuten. De koekjes zwellen iets op en de witte bovenkant barst; de bovenkant moet licht blijven, hooguit met een heel lichte gouden tint langs de onderste randen. Wacht niet tot ze sterk bruinen of vanbinnen hard zijn. Na het uitnemen zijn ze nog heel zacht en raken ze makkelijk beschadigd. Heb je twee bakplaten nodig, bak ze dan na elkaar en houd de tweede weg van de ovenwarmte.
Zet de bakplaat op een stabiele, hittebestendige ondergrond en laat de koekjes ongeveer 45–60 minuten liggen zonder ze te verplaatsen, tot ze volledig afgekoeld zijn en het korstje stevig is. Haal ze voorzichtig met een brede spatel van het papier. De binnenkant moet zacht, amandelachtig en iets taai blijven. Serveer zonder extra poeder, glazuur of versiering. Eén portie is één van de 20 koekjes. Bewaar koude ricciarelli in een luchtdichte bak op een koele, droge plek gedurende 4–5 dagen, met papier tussen de lagen.
Geschatte voedingswaarden
Beoordeel dit recept
0 beoordelingen
Reacties