
AI-gegenereerd
Coniglio alla ligure — konijn met olijven, wijn en pijnboompitten
Log in of maak een gratis account aan om recepten op te slaan.
Bron: https://recipheon.com/nl/recepten/hoofdgerechten/coniglio-alla-ligure-konijn-met-olijven-wijn-en-pijnboompitten
Over dit recept
Coniglio alla ligure is konijn gestoofd met olijven, wijn en pijnboompitten, geurig door rozemarijn en knoflook. In deze versie voor thuis worden stukken met bot eerst aangebraden en daarna zachtjes in een kleine hoeveelheid vocht gestoofd. Rode wijn geeft de saus een diepere kleur, de ui wordt milder tijdens het garen en kleine Taggiasche-olijven geven een kenmerkende zoute smaak. De olijven gaan er pas tegen het einde bij, zodat ze herkenbaar blijven, en licht geroosterde pijnboompitten gaan erbij als de saus bijna klaar is. Al het vet en braadvocht blijven in de pan. Voor het serveren wordt alleen het laurierblad verwijderd; de konijnenbotten en eventuele andere oneetbare delen leg je tijdens het eten apart. Deze hoeveelheden geven vier porties konijn met alle saus, zonder extra aardappelen, brood of andere bijgerechten. Laat alles zachtjes pruttelen om het vlees mals te maken zonder de saus snel weg te koken.
Ingrediënten
Konijn en wijnsaus
1200 g rauw konijn met bot, al zonder vel, kop en orgaanvlees, door de verkoper in ongeveer 8–10 stukken verdeeld
150 g ui, gewogen na het pellen
10 g gepelde knoflook
35 g olijfolie, waarvan 20 g voor het aanbraden en 15 g voor de ui
150 g droge rode wijn met ongeveer 12% alcohol
200 g water voor het stoven en maximaal 100 g heet water om zo nodig toe te voegen
3 g verse rozemarijnnaaldjes zonder houtige steeltjes
1 klein gedroogd laurierblad, dat na het stoven wordt verwijderd
8 g zout, waarvan 4 g voor het vlees en 4 g voor de ui en saus
0,5 g gemalen zwarte peper
Olijven en pijnboompitten
80 g milde Taggiasche-olijven in pekel, gewogen na het uitlekken en ontpitten
25 g gepelde pijnboompitten zonder toegevoegd zout of olie
Bereiding
Dep de stukken konijn grondig droog met keukenpapier. Verwijder eventuele zichtbare losse botsplinters die na het in stukken snijden zijn achtergebleven. Bestrooi het vlees met 4 g zout en alle peper. Snipper de ui fijn, snijd de knoflook in dunne plakjes en hak alle rozemarijnnaaldjes heel fijn. Weeg de olijven na het uitlekken en ontpitten; gooi de pekel weg. Zet een brede zware pan of diepe koekenpan van ongeveer 28–30 cm doorsnee met een goed passend deksel klaar.
Verhit 20 g olijfolie in de pan op middelhoog tot hoog vuur. Braad het konijn in twee porties aan, elk ongeveer 5–6 minuten, en keer de stukken tot ze aan meerdere kanten licht goudgeel zijn. Leg ze niet dicht op elkaar en probeer het vlees nu niet vanbinnen gaar te maken. Doe de gebruinde stukken in een kom. Bewaar al het vet en het goudbruine, onverbrande aanbaksel in de pan en al het vocht dat in de kom vrijkomt.
Zet het vuur op laag tot middelhoog. Voeg de resterende 15 g olijfolie, alle ui en de resterende 4 g zout toe. Roer ongeveer 5 minuten, tot de ui zacht is, en voeg dan alle knoflook en rozemarijn voor nog een minuut toe. Doe al het konijn terug en schenk het vocht uit de kom erbij. Voeg alle rode wijn toe, schraap het aanbaksel van de bodem en laat zonder deksel ongeveer 3 minuten koken, zodat het vocht begint in te koken. Ga er niet van uit dat zo kort koken alle alcohol verwijdert.
Schenk de eerste 200 g water erbij en voeg het laurierblad toe. Op de bodem moet een laagje vocht zichtbaar zijn; zet het vlees niet helemaal onder. Breng zachtjes aan de kook, doe het deksel op de pan en stoof op laag vuur ongeveer 45–60 minuten. Keer de stukken halverwege voorzichtig. Verdampt de saus te vroeg en begint deze vast te plakken, voeg dan telkens 2–3 eetlepels heet water toe, zo nodig tot de extra 100 g; je hoeft niet alles te gebruiken. Tegen het einde van deze stap moet het vlees bijna mals zijn. Houd het koken rustig, zonder hard borrelen.
Doe tegen het einde van het stoven alle pijnboompitten in een kleine droge koekenpan. Verwarm op laag tot middelhoog vuur ongeveer 1–2 minuten en beweeg de pan vaak, alleen tot de pitten licht goudgeel zijn en nootachtig ruiken. Doe ze meteen in een kommetje, want in de hete pan worden ze snel donkerder. Voeg geen aparte portie olijfolie toe en rooster ze niet donkerbruin.
Voeg alle olijven toe aan het konijn en stoof met het deksel op de pan nog ongeveer 15–20 minuten, tot het vlees over de hele dikte mals is en gemakkelijk van het bot loskomt. Zijn grotere stukken nog stevig, stoof ze dan wat langer en zorg dat er een kleine hoeveelheid vocht blijft. Haal het deksel eraf en laat de saus zo nodig ongeveer 3–5 minuten inkoken, zodat ze iets dikker wordt maar vloeibaar blijft. Voeg alle pijnboompitten voor de laatste ongeveer 2 minuten toe en meng voorzichtig. Verwijder het laurierblad. Giet geen vet af en zeef de saus niet; ui, knoflook, rozemarijn, olijven en al het vocht worden geserveerd. De olijven zijn zout, dus voeg niet automatisch meer zout toe dan de opgegeven hoeveelheid.
Verdeel het konijn over vier borden, zodat elke portie ongeveer evenveel vlees bevat. Voeg alle olijven en pijnboompitten toe en schenk alle saus uit de pan erover. Serveer meteen, zonder niet-genoemde bijgerechten. De botten zijn niet eetbaar en moeten tijdens het eten apart worden gelegd. Koel eventuele restjes snel af en bewaar ze met de saus in een afgesloten bakje uiterlijk tot de volgende dag in de koelkast. Warm zachtjes op met het deksel op de pan en een beetje water, tot het vlees door en door heet is.
Geschatte voedingswaarden
Beoordeel dit recept
0 beoordelingen
Reacties