
AI-gegenereerd
Dublin coddle — Ierse worstjes met spek en aardappelen
Log in of maak een gratis account aan om recepten op te slaan.
Bron: https://recipheon.com/nl/recepten/hoofdgerechten/dublin-coddle-ierse-worstjes-met-spek-en-aardappelen
Over dit recept
Dublin coddle is een mild gerecht van varkensworstjes, spek, ui en zachte aardappelen in een geurige bouillon. In deze versie bak je verse, rauwe worstjes eerst lichtbruin en laat je ze daarna lang met de groenten in een afgedekte pan in de oven garen. Het uitgebakken vet en de vleessappen vormen de smaakbasis, dus extra olie is niet nodig. De aardappelen bovenop worden zacht in de stoom en bouillon en krijgen wat kleur zodra het deksel eraf gaat. Gebruik worstjes die volledig moeten garen, geen kant-en-klare Poolse rookworst. De aangegeven tijd begint met rauw vlees en omvat het aanbraden in twee porties en een korte rusttijd voor het serveren.
Ingrediënten
Worstjes, groenten en bouillon
8 verse rauwe, ongerookte varkensworstjes met een milde smaak, samen 600 g, die volledig moeten garen, geen kant-en-klare voorgegaarde worst
200 g rauw gepekeld, ongerookt buikspek van het varken, zonder zwoerd en botten, eetbaar gewicht
1000 g rauwe aardappelen van kooktype B, gewicht na het schillen
300 g ui, gewicht na het pellen
600 ml kant-en-klare ongezouten gevogeltebouillon, verdeeld in 100 ml en 500 ml
1 heel gedroogd laurierblad, ongeveer 0,2 g, na het garen in de oven verwijderen
1 g gedroogde tijm
10 g verse peterselie, eetbaar gewicht van de blaadjes en zachte steeltjes
¼ theelepel gemalen zwarte peper, ongeveer 0,5 g
Bereiding
Verwarm de oven voor op 170°C boven- en onderwarmte. Zet een brede ovenbestendige pan met een inhoud van ongeveer 5 l, een doorsnede van ongeveer 26 cm en een goed passend deksel klaar. Snijd de geschilde aardappelen in plakken van ongeveer 1,5 cm dik, de ui in halve ringen van ongeveer 5 mm dik en het spek in stukjes van ongeveer 2 cm. Laat de worstjes heel, hak de peterselie fijn en zet die apart voor het serveren.
Doe het spek in de koude pan en verwarm het 6–8 minuten op middelhoog vuur, tot het vet vrijkomt en de randjes lichtbruin worden. Schep het spek met een schuimspaan op een gewoon bord en laat al het vet in de pan. Bak de rauwe worstjes in dat vet in twee porties van vier, ongeveer 5–6 minuten per portie; keer ze tot ze lichtbruin zijn en leg ze bij het spek. Dit is alleen het eerste aanbraden: de worstjes moeten daarna nog volledig in de oven garen.
Doe de ui in dezelfde pan en bak die al roerend 5–7 minuten op matig laag vuur, tot hij zacht en glazig is. Schenk er 100 ml ongezouten gevogeltebouillon bij en maak met een houten lepel de bruine aanbaksels op de bodem los. Zo ontstaat een geurige vloeibare basis met ui en uitgebakken vet; giet het vocht niet af.
Doe het spek, de worstjes en alle sappen van het bord terug in de pan. Voeg het hele laurierblad, de tijm en de peper toe en leg de aardappelplakken er overlappend bovenop. Schenk de resterende 500 ml ongezouten bouillon erbij: het vocht moet tussen de ingrediënten lopen en hoeft de bovenste laag aardappelen niet te bedekken. Breng op het fornuis zachtjes aan de kook en sluit de pan met het goed passende deksel.
Zet de afgedekte pan op de middelste richel van de voorverwarmde oven en laat alles 90–105 minuten garen op 170°C boven- en onderwarmte. De aardappelen moeten in elke laag zacht zijn en gemakkelijk met een vork door te prikken; de worstjes moeten ook vanbinnen volledig gaar zijn. Zijn de aardappelen nog stevig of hebben de worstjes meer tijd nodig, laat alles dan langer afgedekt garen; houd rekening met een langere bereidingstijd als de fabrikant van de worstjes die aanbeveelt. Het vlees moet volledig gaar zijn voordat het in de open pan als laatste bruint.
Haal het deksel van de pan en verhoog de temperatuur naar 200°C, nog steeds met boven- en onderwarmte. Bak nog 15–20 minuten zonder deksel, tot sommige aardappelrandjes licht goudbruin zijn en de bouillon iets is ingekookt. Er moet bouillon in de pan blijven om over het gerecht te scheppen; de aardappelen horen zacht te zijn, niet droog en krokant.
Haal de pan uit de oven, verwijder het laurierblad en laat ongeveer 10 minuten rusten. Strooi alle fijngehakte peterselie erover en laat een deel van de blaadjes in de bouillon vallen. Verdeel over vier porties met elk twee worstjes, spek, ui en aardappelen en schep er bouillon van de bodem van de pan over. Serveer heet; het spek en de worstjes geven het gerecht al smaak, dus voeg geen zout toe.
Geschatte voedingswaarden
Beoordeel dit recept
0 beoordelingen
Reacties