
AI-gegenereerd
Saramură de crap — gegrilde karper in knoflookbouillon met geroosterde paprika en tomaten
Log in of maak een gratis account aan om recepten op te slaan.
Bron: https://recipheon.com/nl/recepten/hoofdgerechten/saramura-de-crap-gegrilde-karper-in-knoflookbouillon-met-geroosterde-paprika-en-tomaten
Over dit recept
Saramură de crap is Roemeense gegrilde karper in knoflookbouillon met geroosterde paprika en tomaten. De vis wordt eerst apart bruin gegrild en gaat pas daarna in de geurige bouillon. In deze versie voor thuis worden de groenten in de oven geroosterd en de moten in een grillpan bereid. De gebruinde huid wordt zacht in de bouillon, het visvlees blijft sappig en de bouillon met de groentesappen kun je met een lepel eten. Knoflook en een beetje azijn worden na het uitschakelen van het vuur toegevoegd om hun uitgesproken smaak te behouden. De hoeveelheden zijn goed voor vier porties karper met groenten en alle bouillon, zonder extra brood of maïspap. Reken op ongeveer 1 uur en 50 minuten, inclusief beide porties vis uit de pan en de afgedekte rusttijd.
Ingrediënten
Karper en kruiden
1000 g rauwe gekoelde karper in vier moten van ongeveer 2,5–3 cm dik, met huid en ruggengraat; gewogen nadat de vishandelaar de schubben, ingewanden, kop en vinnen heeft verwijderd
20 g zonnebloemolie om de vis mee te bestrijken; vet en uitgetreden vocht die in de groeven van de grillpan achterblijven worden niet geserveerd
8 g zout, verdeeld in 4 g voor de vis en 4 g voor de bouillon, plus maximaal 2 g om op het einde op smaak te brengen
0,5 g gemalen zwarte peper
Geroosterde groenten en bouillon
400 g rauwe rode paprika, gewogen na het verwijderen van stelen, zaadlijsten en zaden, vóór het roosteren nog met schil
500 g rauwe rijpe tomaten zonder steeltjes, vóór het roosteren met schil, vruchtvlees en al het sap
25 g rauwe knoflook, gewogen na het pellen
750 ml water voor de bouillon, die helemaal wordt geserveerd
10 ml wittewijnazijn met 6% zuurgraad
1 g gedroogde blaadjes eenjarig bonenkruid
1 gedroogd laurierblad, na het koken te verwijderen
10 g verse peterselieblaadjes en malse steeltjes, gewogen na het bijsnijden en wassen
Bereiding
Verwarm de oven voor op 230°C met boven- en onderwarmte. Dep de voorbereide moten droog met keukenpapier, controleer of er geen losse schubben of graatfragmenten zijn achtergebleven en verwijder die; laat de huid zitten. Bestrooi beide kanten met 4 g zout en zet ongeveer 15 minuten in de koelkast terwijl je de groenten voorbereidt. Snijd de paprika's in brede stukken en halveer de tomaten; bewaar hun sap.
Leg op een bakplaat met opstaande rand van ongeveer 30 × 40 cm de paprika's met de schil omhoog en de tomaten met de snijkant omhoog, zonder extra vet. Rooster ongeveer 25–30 minuten, tot de paprika's zacht zijn en hun schil donkere blaren krijgt; de tomatenschillen moeten loskomen. Begin tegen het einde van de oventijd een grillpan van ongeveer 28 cm doorsnee op middelhoog tot hoog vuur te verwarmen. Doe de geroosterde groenten met hun sappen in een kom en dek ongeveer 10 minuten af; begin ondertussen de vis te grillen.
Dep de vis na het zouten nogmaals licht droog en verdeel alle olie over de moten. Gril twee moten tegelijk ongeveer 8–10 minuten per kant, in totaal ongeveer 16–20 minuten per portie. Draai ze pas met een brede spatel om wanneer ze gemakkelijk van de ribbels loskomen; zet het vuur lager als de buitenkant te snel donker wordt. Elke moot moet ook bij de ruggengraat volledig gaar zijn voordat je de bouillon erover giet; gril zo nodig langer op matig vuur. Leg de eerste gare portie in een schone diepe serveerschaal van ongeveer 3 l en dek losjes af. Herhaal met de rest van de vis; laat het vet en het uitgetreden vocht in de groeven van de pan achter en voeg ze niet toe aan de bouillon.
Verwijder terwijl de vis grilt de geblakerde paprikaschillen en de losgekomen tomatenschillen; gooi deze resten weg. Snijd de paprika's in brede repen en prak de tomaten met een vork. Bewaar al het vruchtvlees en alle sappen uit de kom en van de bakplaat, inclusief de tomatenzaadjes. Plet de knoflook, hak de peterselie fijn en houd beide voorlopig apart.
Breng terwijl de tweede portie vis grilt alle 750 ml water in een pan aan de kook met het laurierblad, bonenkruid, peper en de resterende 4 g zout. Voeg alle geroosterde groenten en sappen toe, wacht tot het weer kookt en laat ongeveer 5 minuten zachtjes koken. Verwijder het laurierblad, zet het vuur uit en roer alle knoflook en azijn erdoor. De bouillon moet vloeibaar blijven, met duidelijk herkenbare groentestukken; houd hem afgedekt als de vis nog grilt en verwarm hem vlak voor het schenken weer goed.
Leg alle volledig gegrilde vis in de klaargezette schone schaal en giet alle hete bouillon en groenten erover. Lepel ook wat over de bovenkant van de moten, dek meteen af en laat ongeveer 15 minuten staan zodat de smaken samensmelten. Deze stap volgt op het volledig garen van de vis en vervangt het grillen niet. De gebruinde huid zal zacht worden in de bouillon.
Haal het deksel van de schaal, proef de bouillon en voeg zo nodig maximaal 2 g zout toe. Bestrooi met de achtergehouden peterselie. Verdeel alle moten, groenten en alle bouillon over vier diepe borden en serveer warm. Eet het visvlees en de huid en leg de ruggengraat en overige graten zorgvuldig apart.
Geschatte voedingswaarden
Beoordeel dit recept
0 beoordelingen
Reacties