
AI-gegenereerd
Milho frito — gefrituurde maisblokjes uit Madeira
Log in of maak een gratis account aan om recepten op te slaan.
Bron: https://recipheon.com/nl/recepten/tussendoortjes/milho-frito-gefrituurde-maisblokjes-uit-madeira
Over dit recept
Milho frito zijn krokante stukjes gekookte maismassa die op Madeira populair zijn. Onder het goudbruine korstje blijven ze zacht en mals, met een milde smaak van boter en knoflook. Gebruik voor deze eenvoudige thuisversie zeer fijn geel maismeel, geen maiszetmeel of instantproduct. Kook de dikke massa eerst goed gaar, strijk haar uit in een ondiepe vorm en laat haar goed koud worden. Pas als de plak koud en stevig is, snijd je haar in blokjes en frituur je die in kleine porties. Het grootste deel van de opgegeven tijd gaat op aan het koelen. Je kunt de massa dus vooraf maken en de blokjes vlak voor het serveren frituren.
Ingrediënten
Voor vier porties
200 g zeer fijn geel maismeel, geen maiszetmeel of instantproduct
800 g water voor de maismassa
15 g ongezouten boter
8 g knoflook, gewogen na het pellen
5 g zout
800 g high-oleic zonnebloemolie die geschikt is om te frituren
Bereiding
Hak de knoflook zeer fijn of pers hem met een knoflookpers. Bekleed een vierkante vorm van ongeveer 20 × 20 cm met bakpapier en laat de randen uitsteken, zodat je de massa er later gemakkelijk uit kunt tillen. Gebruik geen extra vet om de vorm in te vetten. Zet een pan met dikke bodem, een garde en een houten lepel klaar.
Smelt de boter in de pan en verwarm de knoflook er ongeveer een halve minuut in, zonder hem te laten kleuren. Schenk er 800 g water bij, voeg het zout toe en verwarm licht. Strooi het maismeel in een dunne straal in het warme water en roer krachtig met de garde. Breng zachtjes aan het pruttelen, zet het vuur lager en kook ongeveer 45–50 minuten. Dek de pan gedeeltelijk af en roer vaak met de lepel over de bodem, tegen het einde vrijwel voortdurend. De massa moet glad en zeer dik zijn en loskomen van de panwand; kook zo nodig langer.
Schep alle hete massa in de voorbereide vorm en schraap de pan goed leeg. Strijk met een lepel of spatel uit tot een gelijkmatige laag van ongeveer 2–2,5 cm dik en maak de bovenkant glad. Voeg geen extra water toe en voeg geen extra maismeel toe. Zet de vorm op een hittebestendige onderzetter.
Laat de massa eerst ongeveer 30 minuten afkoelen, dek daarna af en zet minstens 3 uur in de koelkast. Ze moet helemaal koud en zo stevig worden dat je haar gelijkmatig kunt snijden. Koel langer als ze nog zacht is. Je kunt haar de vorige dag maken en tot het frituren in de koelkast laten staan.
Til de koude plak aan het papier uit de vorm en leg hem op een snijplank. Snijd in zes repen en snijd elke reep vervolgens in zes stukken. Zo krijg je ongeveer 36 blokjes van 3–3,5 cm breed, even dik als de plak. Bewaar alle stukjes om te frituren. Als er vocht op het oppervlak ligt, dep het dan voorzichtig droog met keukenpapier.
Schenk de olie in een diepe pan met een diameter van ongeveer 18 cm; de olie mag niet hoger dan halverwege de pan komen. Verhit tot 170–175°C. Laat er voorzichtig ongeveer negen blokjes tegelijk in zakken en frituur 3–4 minuten. Keer ze zo nodig, tot ze gelijkmatig goudbruin en krokant zijn. Schep ze met een schuimspaan op keukenpapier. Frituur de overige drie porties op dezelfde manier en laat de olie tussendoor weer op temperatuur komen.
Laat de blokjes even op het papier liggen zodat overtollige olie kan uitlekken en verdeel ze daarna allemaal over vier porties. Serveer meteen, als het korstje krokant en de binnenkant zacht is. Laat overgebleven gefrituurde blokjes afkoelen, bewaar afgedekt in de koelkast en gebruik ze de volgende dag nadat je ze goed hebt verhit.
Geschatte voedingswaarden
Beoordeel dit recept
0 beoordelingen
Reacties